Review: Park Chan-wook's No Other Choice
In dit artikel:
Park Chan-wooks No Other Choice zet de recente wereldwijde golf van Koreaanse cultuur — van K-pop tot Squid Game en Parasite — voort door sociale kritiek te verpakkken in aansprekend entertainment. De film draait vanaf kort geleden in Nederlandse bioscopen, na zijn première op het International Film Festival Rotterdam, en is een duistere, zwarte komedie die scherp kijkt naar werkloosheid, klasseverschillen en de morele ontmenselijking door het moderne bedrijfsleven.
Centraal staat Yoo Man-su (Lee Byung-hun), een middenklasse-manager die na 25 jaar bij papierfabriek Solar Paper op straat komt te staan wanneer Amerikaanse investeerders besluiten te saneren. Met huisuitzetting boven het hoofd jaagt hij wanhopig op een functie bij rivaal Moon Paper en ziet geen andere uitweg dan concurrerende sollicitanten uit de weg ruimen. Daarmee onderzoekt de film hoe identiteit en eigenwaarde steeds meer aan arbeidsproductiviteit worden gekoppeld en hoe mensen in een kille, geautomatiseerde economie ethisch afglijden.
Park gebruikt concrete symbolen — Man-su’s onbehandelde kiespijn, zijn fixatie op contant geld en een pas geplante appelboom — en veel vakjargon uit de werkwereld om de psychologische afbraak van zijn hoofdpersoon te verbeelden. Stilistisch is de film opvallend gedurfd: Kim Woo-hyung’s camerawerk en Kim Sang-bums montage ondersteunen Parks inventieve regie met opvallende zooms, overlays en speelse overgangen, wat de kijkervaring extra intens maakt.
Hoewel publiek en critici lovend zijn, kreeg Park wederom geen Oscar-nominatie voor Beste Film; No Other Choice belandde enkel op de shortlist voor Beste Internationale Speelfilm, iets wat door sommigen als een misser van de Academy wordt gezien.